21 november 2015: onthulling van het Sinti-monument.

Het Programma voor de onthulling van het monument voor Sinti op zaterdag 21 november in het stadhuis stadhuis zag er als volgt uit:
14:30: inloop met koffie en thee. Muziek Sinti-orkest.
15:00: opening en welkom door Frank Greeven, stadsdichter met een gedicht.
15.05: eerste strofe verhaal van de Oldenzaalse Sinti, voorgelezen door Claudia Huisken.

Een jongen plukt bloemen in een weide in de stadsrand van Oldenzaal. Ze zijn voor zijn moeder. Het is maandag 15 mei 1944. De voorjaarszon schijnt. Het is de dag van het bombardement op de Belgische stad Leuven. De jongen weet daar niks van. Hij is blij. Blij dat hij zijn moeder en de rest van de familie in de woning aan de Poortstraat kan verrassen met prachtige veldbloemen. Straks komt hij thuis. Dan staat er soep klaar, een grote pot, met lekkere stukken brood. Ze zijn met velen in dat huis, dat zijn beste tijd heeft gehad. Ze, dat zijn Sinti, trotse mensen die met hun woonwagen en paarden van stad naar stad trokken en van dorp tot dorp. Vioolbouwers zijn erbij, handwerk- en ambachtslieden van het zuiverste water. Rondtrekken is gevaarlijk geworden. De regering heeft een reisverbod voor woonwagens afgekondigd. De nazi’s die ons land bezetten hebben het voorzien op de joden, Sinti en Roma en zoveel anderen: homoseksuelen, jehova’s, politieke delinquenten en verzetsstrijders. Veel Sinti vinden onderdak in krotwoningen. Zo ook in Oldenzaal. De bloemen van de jongen staan in een glazen pot voor het raam. De familie gaat op tijd naar bed. Die nacht om vier uur slaat het noodlot toe. Nog in de duisternis halen twee marechaussees de zes leden tellende Sintifamilie Weiss en drie leden van de woonwagenfamilie Braun uit huis. Ze worden in opdracht van de bezetter naar het doorgangskamp Westerbork gebracht. Het is dinsdag 16 mei 1944. Oldenzaal bleek niet de veilige haven te zijn, waarvan ze hoopten die gevonden te hebben.


15:08: Toespraak door burgemeester Theo Schouten.
15:13: Tweede strofe verhaal van de Oldenzaalse Sinti, voorgelezen door Henk Winkelhuis.

Durchgangslager Westerbork, dat is onzekerheid. Wat gaat er met ons gebeuren? De jongen weet het niet precies. Hij had net zo goed NIET in het grote kamp in Drenthe kunnen zijn. Zijn familie ontvluchtte namelijk voor de inval Oldenzaal, omdat er zoveel NSB’ers in de stad waren. Ze vertrouwden het niet. In Den Haag en later Amsterdam overleefden ze de oorlog. De jongen wilde niet met hen mee. Hij hield heel veel van zijn opa. Hij wilde bij hem in Oldenzaal blijven. Het werd het noodlot van deze jongere, die zo genoot van de kleurige stadsweiden in Oldenzaal, dat toen lang niet zo groot was als nu. De Duitsers zijn onverbiddelijk: de Oldenzaalse Sinti worden drie dagen na hun aankomst in Westerbork op transport gesteld naar het vernietigingskamp Auschwitz. De drie leden van de familie Braun worden vrijgelaten. Het zijn geen Sinti. Vrijdag 19 mei rijdt de trein weg. Het beruchte Sinti transport. Het is de trein van de zes Sinti uit Oldenzaal. En van Settela, het meisje met de hoofddoek, dat wereldberoemd werd als symbool van de Holocaust. Lang werd gedacht dat zij een joods meisje was. Een journalist ontdekte veel later dat Settela Anna Maria Steinbach heette, een Sintimeisje uit Limburg. Over haar en het lot van vele andere Sinti en Roma schreef de journalist, Aad Wagenaar, een prachtig boek.

15:16: Toespraak van Sabina Achterbergh.

15:23: Muziek door het Sintiorkest.
15:28: Derde strofe verhaal van de Oldenzaalse Sinti, voorgelezen door  Lies Koster.

In Oost-Europa zijn Sinti en Roma op grote schaal slachtoffer geworden van de Einsatzgruppen. Zij voerden de executies uit. Sinti en Roma werden vanuit heel Europa gedeporteerd naar de vernietigingskampen. In Auschwitz gebruikte de beruchte kamparts Josef Mengele veel Sinti en Roma kinderen voor zijn experimenten. Hoeveel Sinti en Roma in de oorlog zijn omgekomen, is moeilijk na te gaan. Serieuze schattingen lopen uiteen van ongeveer 100.000 tot enkele honderdduizenden slachtoffers. In Nederland werden op 16 mei 1944 overal Sinti en Roma opgepakt en naar Westerbork afgevoerd. Oldenzaal was de enige gemeente in Overijssel, waar dat gebeurde. Drie dagen later vertrok een trein met 245 van hen naar Auschwitz. Onder hen de Sinti uit Oldenzaal. Van de grote groep keerden er na de oorlog slechts 30 terug. Van de Oldenzaalse Sinti kwam niemand terug naar huis. Ze werden vermoord door de nazi’s. We spreken hun Sinti namen nu uit met eerbied en respect.  
Heli Weiss, de grootvader
Memmie Weiss, zijn dochter, de overgrootmoeder van Sabina Acherberg, die hier vandaag in ons midden is
Pollo Weiss, de schoonzoon van Heli Weiss
Maten Weiss, de dochter van Heli Weiss en de vrouw van Pollo Weiss
Kalo Weiss, zoon van Pollo en Maten Weiss en kleinzoon van Heli Weiss
Karl-Willi ‘Jongen’ Weiss, kleinzoon van Heli Weiss
Laten we een minuut stil zijn en aan hen denke
n.

15:32: Dirk Mulder, directeur Herinneringscentrum Westerbork, over het beruchte Sintitransport vanuit Westerbork naar Auschwitz op 19 mei 1944: De trein van Settela.
15:42:Vierde strofe verhaal van de Oldenzaalse Sinti, voorgelezen door Sieme Ankoné.

Het is 2013. Journalist Felix Nijland uit Oldenzaal brengt zoals elk jaar een bezoek aan Kamp Westerbork. Om te kijken, na te denken,op de vlakte van het kamp te luisteren naar de teksten van Etty Hillesum en om voor de zoveelste keer verwonderd en verontwaardigd te zijn dat oorlog zo wreed is. In het herinneringscentrum ontdekt hij op een vitrine een klein, koperen plaatje. Daarop staat dat op 16 mei 1944 in Oldenzaal als enige plaats in Overijssel Sinti zijn opgepakt. Hij kent het verhaal niet. Het is een blanco en waarschijnlijk inktzwarte pagina in de geschiedenis van zijn stad. Met stadsarchivaris Jos Oude Essink Nijhuis en Gerard Rossing van Herinneringscentrum Westerbork gaat hij eenmaal thuis op onderzoek uit. Het lokale politierapport van die nacht bevestigt het afvoeren van Sinti uit de woning aan de Poortstraat. De journalist schrijft een weekendreportage voor zijn krant, De Twentsche Courant Tubantia. In dezelfde trein als Settela, kopt hij zijn artikel. Later melden zich nabestaanden uit Amsterdam en wordt duidelijk dat een aantal familieleden op tijd de woning heeft verlaten en zo aan deportatie is ontkomen. De journalist vindt dat er een monument moet komen. De nabestaanden worden daar nauw bij betrokken. Er is veel steun in de stad voor het initiatief. Het monument komt er, in de prachtige herdenkingstuin achter dit stadhuis. Vandaag, zaterdag 21 november 2015, wordt het kunstwerk, treffend vormgegeven door kunstenaar Berend Seiger, onthuld. Het is 70 jaar na de oorlog het slotakkoord van een dramatische, niet eerder zo aan het licht gekomen gebeurtenis in onze stad Oldenzaal. Dit, en de grote impact die de deportatie van de Sintifamilie Weiss nog steeds heeft op de nabestaanden, mogen en zullen wij nooit vergeten.

15.45: Toespraak van  Theo Hampsink van de Stichting Herdenkingstuin Oldenzaal.
15:50: Galit Brassem vertelt over en praat met zijn moeder Jeanne Brassem. Zij ontvluchtte op tijd het huis aan de Poortstraat. Hij is opgegroeid met de verhalen uit de oorlog.
15:57: Frank Greeven nodigt de aanwezigen uit om  naar de herdenkingstuin te gaan.
16:10: Frank Greeven leest een gedicht.
16:15: Muziek door het Sinti-orkest.
16:20: Onthulling van het monument door Jeanne Brassem, Mana Brassem en Heli Brassem, die alle drie in het huis in Oldenzaal woonden.
16:25: Frank Greeven interviewt kunstenaar Berend Seiger over de symboliek van het beeld.
16:30: Napraten in het stadhuis.


De Tubantia heeft in het aan te klikken artikel daar aandacht aan geschonken.

TV-OOST heeft over dit onderwerp een video gemaakt die hieronder te bekijken is.